162 kaarten, 2 tot 6 spelers, vanaf 7 jaar en meestal in zo’n 20 minuten klaar: dat is Skip-Bo spelregels in de kern. In Skip-Bo, het kaartspel van Mattel, probeer je als eerste je hele voorraadstapel weg te spelen. Hieronder lees je de officiële basis van Skip-Bo spelregels, plus de puntentelling, de teamvariant en een paar veelgestelde vragen.
Benodigdheden
Voor een potje Skip-Bo gebruik je het volledige kaartspel van 162 kaarten:
- 144 genummerde kaarten met de waarden 1 tot en met 12
- 18 Skip-Bo-kaarten, die als joker werken
Op tafel maak je ruimte voor:
- 1 trekstapel in het midden
- maximaal 4 bouwstapels in het midden
- per speler maximaal 4 eigen aflegstapels
Opzet
Schud alle kaarten goed. Bepaal daarna wie deelt. Dat kan door iedereen 1 kaart te laten trekken; de hoogste kaart wordt dealer. Trek je een Skip-Bo-kaart, dan telt die niet mee voor het bepalen van de dealer.
De dealer geeft vervolgens aan iedere speler een dichte voorraadstapel:
- bij 2, 3 of 4 spelers: 30 kaarten per speler
- bij 5 of 6 spelers: 20 kaarten per speler
Iedere speler draait de bovenste kaart van de eigen voorraadstapel open. De rest van de kaarten komt als dichte trekstapel in het midden te liggen.
Laat daarnaast ruimte vrij voor:
- maximaal 4 bouwstapels in het midden
- maximaal 4 persoonlijke aflegstapels per speler
De speler links van de dealer begint.
Spelverloop
Een beurt in Skip-Bo spelregels bestaat uit drie delen: kaarten trekken, kaarten spelen en afsluiten met afleggen.
Kaarten trekken
Aan het begin van je eerste beurt trek je 5 kaarten van de trekstapel. Die houd je in je hand.
Aan het begin van elke volgende beurt vul je je hand weer aan tot 5 kaarten. Heb je er bijvoorbeeld nog 2, dan trek je er 3 bij.
Kaarten spelen
Tijdens je beurt mag je kaarten spelen vanaf drie plekken:
- uit je hand
- van de bovenste kaart van je voorraadstapel
- van de bovenste kaart van een eigen aflegstapel
In het midden bouw je op bouwstapels. Zo’n stapel begint altijd met een 1, of met een Skip-Bo-kaart die als 1 telt. Daarna bouw je verder oplopend tot en met 12.
De kleur van de kaarten doet er niet toe. Alleen het nummer is belangrijk.
Je mag in één beurt zoveel kaarten spelen als mogelijk is. Zolang je kaarten passend kunt aanleggen, mag je doorgaan.
Hoe bouwstapels werken
Voor de bouwstapels gelden vaste regels:
- er liggen nooit meer dan 4 bouwstapels tegelijk
- een bouwstapel loopt altijd van 1 naar 12
- is een stapel compleet met 12, dan haal je die direct weg
- daarna ontstaat weer ruimte voor een nieuwe bouwstapel
Een nieuwe stapel mag dus alleen worden gestart als er minder dan 4 bouwstapels in het midden liggen.
Skip-Bo-kaarten gebruiken
De jokerkaarten zijn in Skip-Bo spelregels flexibel. Een Skip-Bo-kaart mag elk getal van 1 tot en met 12 voorstellen.
Je kunt zo’n kaart gebruiken om:
- een nieuwe bouwstapel te starten
- een reeks verder te laten lopen
- een bouwstapel af te maken
Leg je een joker neer, dan bepaalt de positie op de stapel welke waarde die kaart op dat moment heeft.
Voorraadstapel open houden
Speel je de bovenste kaart van je voorraadstapel weg, dan draai je meteen de volgende kaart van die stapel open.
Die nieuwe open kaart mag je later in dezelfde beurt ook nog spelen, als hij past. Dat is belangrijk, want je wint alleen door je voorraadstapel leeg te krijgen.
Nieuwe hand trekken tijdens je beurt
Raak je al je handkaarten kwijt, dan stopt je beurt niet meteen. Je trekt direct weer 5 nieuwe kaarten en speelt verder.
Dat mag vaker in dezelfde beurt gebeuren. Zolang je hand leeg raakt en je nog kaarten kunt spelen, trek je opnieuw 5 kaarten bij.
Beurt afsluiten
Kun of wil je niet verder spelen, dan moet je je beurt beëindigen door precies 1 kaart uit je hand op 1 van je eigen aflegstapels te leggen.
Daarna is de volgende speler aan de beurt.
Scoring
De basis van Skip-Bo spelregels is eenvoudig: de ronde eindigt meteen zodra een speler de eigen voorraadstapel helemaal heeft weggespeeld. Die speler wint de ronde.
Je kunt zonder punten spelen, waarbij elke ronde los staat. Er is ook een officiële optionele puntentelling.
Officiële optionele puntentelling
De winnaar van een ronde krijgt:
- 25 punten voor de gewonnen ronde
- plus 5 punten voor elke kaart die nog in de voorraadstapels van de andere spelers ligt
Wie als eerste 500 punten bereikt, wint het hele spel.
Varianten
Officiële teamvariant
Skip-Bo heeft ook een officiële partnerschapsvariant. Die wordt meestal gespeeld met 4 of 6 spelers, verdeeld in teams.
Daarbij gelden deze regels:
- partners mogen elkaars voorraadstapels gebruiken
- partners mogen elkaars aflegstapels gebruiken
- je mag niet hardop over strategie overleggen
- een team wint pas als beide voorraadstapels leeg zijn
Huisregel: kortere ronde
Een veelgebruikte verkorte vorm is spelen met een kleinere voorraadstapel, bijvoorbeeld 10 tot 15 kaarten per speler.
Dit is geen officiële regel, maar een huisregel voor wie sneller een ronde wil spelen.
FAQ
Hoeveel kaarten krijgt elke speler bij Skip-Bo?
Bij 2 tot en met 4 spelers krijgt iedere speler 30 kaarten in de voorraadstapel. Bij 5 of 6 spelers krijgt iedere speler 20 kaarten.
Zijn Skip-Bo-kaarten jokers?
Ja. Ze mogen elk getal van 1 tot en met 12 vervangen en zijn dus op elk moment inzetbaar als passende kaart.
Mag je meerdere kaarten in één beurt spelen?
Ja. Je mag blijven spelen zolang je kaarten passend op de bouwstapels kunt leggen. Dat mag vanuit je hand, je voorraadstapel en je eigen aflegstapels.
Wat gebeurt er als de trekstapel leeg is?
Raakt de trekstapel op, dan schud je de voltooide bouwstapels en maak je daarvan een nieuwe trekstapel.
Mag je in de teamvariant overleggen?
Nee. In de officiële partnerschapsvariant mag je niet mondeling over strategie praten.



