1. Home
  2. Soort spel
  3. Bordspellen
  4. Dammen regels: opzet, slaan, promoveren en winnen volgens de officiële spelregels
Dammen regels: opzet, slaan, promoveren en winnen volgens de officiële spelregels

Dammen regels: opzet, slaan, promoveren en winnen volgens de officiële spelregels

6 min lezen

Twee spelers, 20 witte en 20 zwarte schijven, een bord van 10 bij 10 vakjes: dat is internationaal dammen, ook wel internationale damregels of international draughts genoemd. Het doel is om alle stukken van de tegenstander te slaan, of die zo vast te zetten dat er geen reglementaire zet meer overblijft. Deze vorm van dammen wordt meestal gespeeld vanaf ongeveer 6 jaar en een partij duurt vaak 20 tot 60 minuten. In deze uitleg lees je de dammen spelregels voor de officiële 10×10-versie.

Benodigdheden

Voor dammen spelregels op een 10×10-bord heb je dit nodig:

  • 1 dambord met 100 vakjes
  • 20 witte schijven
  • 20 zwarte schijven

Er wordt alleen gespeeld op de donkere velden.

Opzet

Leg het bord zo neer dat linksonder een donker veld ligt.

Daarna zet je de stukken klaar:

  • wit krijgt 20 schijven op de donkere velden van de eerste 4 rijen
  • zwart krijgt 20 schijven op de donkere velden van de eerste 4 rijen aan de overkant
  • de middelste 2 rijen blijven leeg

Wit begint de partij.

Spelverloop

Spelers zijn om de beurt aan zet. In een gewone beurt verplaats je 1 schijf of 1 dam. Alleen als er geslagen kan worden, werkt het anders: slaan is verplicht.

Je wint op 2 manieren:

  • je slaat alle stukken van de tegenstander
  • de tegenstander kan geen reglementaire zet meer doen

Een partij kan ook in remise eindigen.

Gewone schijf verplaatsen

Een gewone schijf mag 1 veld schuin vooruit naar een leeg donker veld.

Een gewone schijf mag niet achteruit lopen.

Gewone schijf slaan

Slaan gaat door over een vijandelijk stuk te springen naar een leeg veld daarachter. Een gewone schijf mag daarbij wel achteruit slaan. Dat is een belangrijk verschil: achteruit lopen mag niet, achteruit slaan wel.

Slaan is verplicht

Kun je slaan, dan moet je slaan. Een gewone zet is dan niet toegestaan.

Bij een slag gelden deze punten:

  1. je springt schuin over een vijandelijk stuk
  2. achter dat stuk moet een leeg landingsveld liggen
  3. geslagen stukken blijven tijdens de hele slagbeurt nog even staan
  4. pas na afloop van de complete slagbeurt haal je alle geslagen stukken van het bord

Dat laatste is belangrijk, omdat een stuk tijdens een meerslag niet opnieuw over hetzelfde vijandelijke stuk mag springen.

Meerslag en keuzeverplichting

Kan hetzelfde stuk na een slag direct verder slaan, dan moet dat in dezelfde beurt. Dat heet een meerslag.

Daarbij gelden de officiële dammen spelregels:

  • doorslaan is verplicht
  • je moet de slag kiezen waarbij je het grootste aantal stukken slaat
  • zijn er meerdere routes met evenveel geslagen stukken, dan mag je kiezen
  • je mag in 1 slagbeurt niet twee keer over hetzelfde stuk springen

Een veelgemaakte fout is denken dat een dam altijd voorrang heeft. Dat klopt niet. Niet het soort stuk telt, maar het aantal stukken dat je ermee slaat.

Scoring

Internationaal dammen werkt normaal niet met punten per geslagen stuk. Je speelt een partij die eindigt in winst, verlies of remise.

De uitkomst is dus:

  • winst als je alle vijandelijke stukken slaat
  • winst als de tegenstander geen reglementaire zet meer heeft
  • remise als geen van beide spelers nog redelijkerwijs kan winnen volgens de officiële regels

Remise

Een partij kan onder meer remise worden als:

  • dezelfde stelling 3 keer terugkomt
  • er te weinig materiaal over is om nog te winnen, bijvoorbeeld 1 dam tegen 1 dam

In toernooien kunnen extra remisebepalingen gelden. Aan de keukentafel spreken spelers dat vaak vooraf af.

Varianten

De kern van dammen spelregels blijft hetzelfde, maar er zijn een paar punten die vaak voor verwarring zorgen. Vooral de dam, promotie en varianten op andere borden lopen door elkaar.

Dam halen

Bereikt een gewone schijf de achterste rij van de tegenstander, dan wordt die schijf een dam.

Een dam mag:

  • schuin vooruit en achteruit bewegen
  • over meerdere lege velden op een diagonaal schuiven
  • vooruit en achteruit slaan

Hoe een dam slaat

Bij een gewone zet kiest een dam 1 leeg veld op een diagonaal en eindigt daar.

Bij een slag springt de dam over 1 vijandelijk stuk en landt daarna op een leeg veld verderop op dezelfde diagonaal. Dat hoeft niet direct achter het geslagen stuk te zijn. Zolang het landingsveld leeg is, mag de dam verder doorvliegen op die lijn.

Ook voor een dam geldt: als er daarna nog een slag mogelijk is, moet de dam doorslaan.

Promotie tijdens een slag

Hier gaat het vaak mis bij spelers die andere damvarianten gewend zijn.

De officiële regel is:

  • een schijf wordt alleen dam als de zet of slag eindigt op de damlijn
  • passeert de schijf die lijn tijdens een slag, maar eindigt de beurt daar niet, dan is het nog geen dam
  • eindigt de slag op de damlijn en kan het stuk daarna verder slaan als dam, dan moet dat direct gebeuren

De regel dat een stuk pas in de volgende beurt als dam mag slaan, hoort dus niet bij internationaal dammen.

Aanraken is zetten

In officiële partijen geldt vaak: raak je bewust een eigen stuk aan, dan moet je dat stuk ook zetten als dat reglementair kan.

Aan de keukentafel wordt deze regel lang niet altijd gebruikt. Spreek dat vooraf af als je discussie wilt voorkomen.

Vergeten te slaan

Slaan is verplicht. Doet een speler toch een gewone zet terwijl er een slag mogelijk was, dan mag de tegenstander de stand laten herstellen en eisen dat de verplichte slag alsnog wordt uitgevoerd.

Huisregel: veel spelers laten zo’n fout gewoon staan en spelen verder. Dat is geen officiële regel, maar een informele afspraak.

Officiële 10×10-versie en andere damsoorten

In Nederland is internationaal dammen op 10×10 de standaard. Er bestaan ook andere vormen, zoals Engels of Amerikaans dammen, vaak checkers genoemd.

Die varianten hebben andere regels. Denk aan:

  • een kleiner bord van 8×8
  • andere slagregels
  • een dam die minder ver beweegt
  • in sommige versies een andere verplichting rond slaan

Gebruik die regels dus niet door elkaar. Deze uitleg gaat alleen over de officiële 10×10-versie.

FAQ

Mag een gewone schijf achteruit slaan?

Ja. Een gewone schijf mag niet achteruit zetten, maar wel achteruit slaan. Dat hoort bij de officiële dammen spelregels van internationaal dammen.

Moet je altijd slaan als het kan?

Ja. Zodra een slag mogelijk is, ben je verplicht die uit te voeren. Kun je op meerdere manieren slaan, dan kies je de route waarbij je de meeste stukken slaat.

Gaat een damslag altijd voor?

Nee. Een dam heeft geen automatische voorrang. Je moet altijd kijken welke zet het grootste aantal stukken oplevert.

Wanneer wordt een schijf een dam?

Zodra de schijf met een gewone zet of aan het einde van een slagbeurt op de achterste rij van de tegenstander eindigt.

Wat gebeurt er als ik geen zet meer heb?

Dan verlies je direct, ook als je nog stukken op het bord hebt staan.